De Marnixring ontvangt Afrikaner voormannen in de Vlaamse club De Warande.

Afbeelding: 

Vorig jaar konden we verslag doen van het bezoek van een aantal Zuid-Afrikaanse studenten uit  Orania (Karoo-regio – Noord-Kaap provincie) aan Antwerpen en Brugge waar ze werden onthaald door MR Antwerpen-Violier en MR Brugge Jan III van Renesse. Eind februari toerde hun voorman Jaco Kleynhans opnieuw door de Nederlanden, ditmaal in het gezelschap van Flip Buys van de Afrikaner “Solidariteit Beweging”.

 

Solidariteit is een machtige beweging met meer dan 500.000 leden die tal van verenigingen en organisaties overkoepelt die actief zijn op alle domeinen van het maatschappelijk leven in Zuid-Afrika: arbeidsbetrekkingen (Solidariteit-vakbond), burgerrechten (AfriForum), maatschappelijke zorg (Solidariteit Helpende Hand), onderwijs (de Akademia universiteit), media (Maroela Media) en zelfs de financiële sector met een eigen beleggingsmaatschappij.

En vanzelfsprekend ook taal en cultuur via de Federasie van Afrikaanse Kultuurvereniginge (FAK) waarvan de voorzitter dr Danie Langner een prachtig referaat hield op ons jubileumcongres in Alden Biesen.

  

Samen met gewezen algemeen voorzitter Jan en onze nieuwe voorzitter Dirk mochten we Jaco en Flip op donderdag 28 februari  ontvangen in het stijlvolle kader van  de Vlaamse club De Warande in het centrum van Brussel. Onze gasten hadden er al enkele contacten op zitten in het Vlaams Parlement en reisden na onze ontmoeting door naar Den Haag voor een ontmoeting met leden van de Tweede Kamer.

 

Zuid-Afrika is een land met enorme problemen. Er is niet enkel de extreme onveiligheid en de tomeloze corruptie. De economie wordt er meer en meer verlamd door gebrek aan beleid, aanhoudende energietekorten en de emigratie van hoger opgeleiden die op de vlucht gaan voor de gedwongen onteigeningen en andere pesterijen van de overheid. En toch blijven de Afrikaners die aan hun geboortegrond vasthouden, niet bij de pakken zitten. Aangezien ze niet op de overheid moeten rekenen, doen ze het zelf. Ze slaan de hand aan de ploeg zoals hun voorvaderen het hun voordeden. Zelfredzaamheid en onderlinge solidariteit zijn hierbij de sleutelwoorden.

 

Dat is wat onmiddellijk opvalt als je praat met mensen als Jaco en Flip: zij spreken zeer open en onverbloemd over de zorgelijke toekomst van de Afrikaners en de Afrikaner cultuur.

 

Maar ze blijven niet steken in rancune en zelfbeklag. Zij geloven in hun eigen vermogen om zich te handhaven ondanks alle problemen.

 

Tegelijkertijd voel je een grote behoefte aan erkenning en morele ondersteuning vanuit Europa. Het besef dat er nog plekken op de wereld zijn waar zij op sympathie kunnen rekenen, waar zij niet op onverschilligheid stoten of gewoon uitgespuwd worden, is voor hen erg belangrijk. Zij zijn dan ook vragende partij voor nauwere contacten met organisaties als de Marnixring. In dit verband heeft onze raad van bestuur gevraagd aan bestuurder Gust Wouters om de “werkgroep Zuid-Afrika” opnieuw te activeren.

 

Peter De Vos,

algemeen protocolmeester